IK DROOM.

Van een huis om in te verdwalen,
Niet met kamers maar met zalen.
Dan zou ik arme kindertjes binnenhalen,
Die zou ik dan van geluk zien stralen.

Dan ‘s avonds moe op mijn bed,
Speelt er iemand voor mij op zijn klarinet,
Of van mij part trompet.
Misschien wel een heel jeugdorkest,
Ik vind het allemaal best.

Dan wordt ik een witte Josephine Baker,
Het komt er vast nooit van dat is zeker.
Ook wil ik dan nog een man,
Die zo goed spreken kan,
Dat hij elke Wereldleider zou kunnen overtuigen,
Van het belang van Vrede,
Iedereen zou dan juichen,
Muziek was dan het enige geluid,
Want oorlogen waren de Wereld uit.
Zo ‘n droom zou toch uit moeten komen,
Voorlopig blijf ik er alleen maar van dromen.

This entry was posted in Gedichten. Bookmark the permalink.